André

13 11 2017

Lieve André,

Nooit eerder reed ik van school langs jullie huis, maar deze keer wel. Ik dacht dat jij wel zou rusten, maar ik wilde toch goedendag zeggen aan Paula. Er stond een grijze wagen voor je deur. De vorm van die wagen deed mijn hart een slag overslaan. “’t Zal toch niet waar zijn”, dacht ik. Maar het is helaas wel waar. De begrafenisondernemer had je net opgehaald. Je bent vanmorgen niet meer wakker geworden. Het was alsof ik het gevoeld had dat ik langs moest komen…

Ik weet niet goed wat ik moet zeggen. Ik was sterk bij Paula, maar nu niet meer. Duizend gedachten gaan tegelijkertijd door mijn hoofd.
Toen ik hier pas was komen wonen, was je een sterk man. Je was bijna negentig en snoeide je bomen. Ook grote takken waren geen probleem voor je. De laatste twee jaren was dat anders. Je vertelde me een paar keer dat je altijd gedacht had 100 te zullen worden, maar dat je toen voelde dat dat niet zou gaan. Het ging mij door het hart… Snoeien kon je niet meer, ook je dagelijkse wandelingetjes en babbeltjes in de tuin werden steeds zeldzamer. Maar mij trof vooral jouw isolement. Je zicht ging steeds meer achteruit en je kon mensen ook niet meer verstaan. Gewone gesprekken volgen was al lang niet meer mogelijk, maar toen ik de laatste keer bij je was, was het ook moeilijk voor je om mij te verstaan terwijl ik naast je oor zat en zo hard mogelijk praatte. Ik vertelde over mijn vogelvoederhuis dat ik probeerde te herstellen. Je knikte begrijpend, maar even later vroeg je of ze mijn wagen nog zouden kunnen herstellen. Het was toch niet luid genoeg voor jou… Ik had het er lastig mee je zo te zien en niks te kunnen doen. Ik wilde helpen, maar stond machteloos. Je moest steeds meer vertrouwen op Paula. Bij elk bezoekje vertelde je me hoe lastig het was om weinig te zien en te horen. Ik begreep… omdat ook ik een stuk gehoor verloren ben door de tumor. Ik weet ook hoe het voelt om ‘geïsoleerd’ te zijn. Ik ben zelf ook soms bang nu mijn rechteroog lastig doet. Bang dat mij hetzelfde overkomt. Mijn dokters proberen mij gerust te stellen. Zolang het corrigeerbaar is met een bril, is er geen probleem. Maar telkens als ik jou zag, wist ik weer waarom ik bang ben. Ik voelde jouw isolement tot diep in mijn hart. En ik kon niks doen…

Ik verlies vandaag een goede en wijze buurman, André. Iemand die echt begreep. Jij wist dat die tumor voor mij vervelende gevolgen heeft gehad zonder dat ik het erover had. Ik voelde dat je echt probeerde te begrijpen zonder dat ik het moest uitleggen. Vorige week zei je me nog dat ik ’s middags echt moet rusten. Ik had nochtans niks gezegd. Je hebt mijn boeken nooit gelezen omdat het voor jou niet ging, maar desondanks wist je…

You will be missed, André. En je wijsheid ook. Ik hoop dat Paula het redt zo zonder jou, want jullie waren altijd samen. Jullie zorg voor mekaar was hartverwarmend.

“Tot wederziens’, zei je vorige week. Ik zwaaide als afscheid. Ik wist niet dat het de laatste keer was dat ik je zou zien. Jij wel? Ik wou dat ik meer voor je had kunnen doen. De verwarming ligt aan, maar ik heb het koud… Echt diep vanbinnen…

 

 





Een beter brein

8 11 2017

Ik lees wel vaker boeken over onze hersenen. Het interesseert me sinds de mijne het zo moeilijk hebben. Maar het boek dat ik nu meenam uit de bib gaat niet zozeer over hoe onze hersenen werken, maar over alles wat in breinland nu bestaat en hoe men probeert het brein in kaart te brengen en zelfs ‘na te bouwen’. Een aantal van die dingen verbazen me, andere me echt bang. Ik vraag me bijvoorbeeld ook af of het echt ooit zo ver zal komen dat mensen echt zouden overwegen om een spijkerbedimplantaat te nemen om hun goed werkende brein nog beter te maken… Ik hoop het niet.

Maar dit stukje uit het boek zal ik onthouden en wil ik jullie ook meegeven. Ik citeer Niki Kortewegs besluit:
‘Voor nu is het zaak me op mijn eigen kleine stapjes te blijven richten. Een beter brein, weet ik nu, dat is iets waar je elke dag aan moet werken. Het vergt discipline, toewijding en vooral plezier. Elke dag weer gezond eten, actief zijn, mediteren, afleidingen indammen en dingen doen waar ik blij van word. Ik sta op en pak mijn spullen. Het is tijd om te dansen. Ik klik mijn bureaulampje uit, en ga.’

Ik neem me nog maar eens voor om de woorden ‘vooral plezier’ en ‘dingen doen waar ik blij van word’ serieus te nemen. De discipline en toewijding, die zijn er – altijd al geweest trouwens. Dat plezier, dat is blijkbaar toch ook veel belangrijker dan we zelf altijd denken. We zijn hier in Vlaanderen zo ‘getraind’ om ‘voort te doen’…